Toen, nu en straks

Sam ligt op de bank

Oh leven, oh feest der herhaling!

Het wordt licht.
Ik word wakker.
Mama en papa komen naar beneden.
Ik krijg mijn eten.
We gaan uit.
Ik ga slapen.
We gaan weer uit.
Ik krijg weer eten.
Ik ga slapen.
Het wordt donker.
We gaan uit.
Ik krijg weer eten.
Mama en papa gaan naar boven.
Ik ga slapen.
Het wordt licht.

Enzovoort.

Het gaat altijd zo en alles begint steeds weer opnieuw. In de eindeloze herhaling die mijn leven is, verschuiven enkel de momenten van licht en donker. Je weet wat komen gaat en je kunt je daarop verheugen.

Hoe verloopt dat precies? Een voorbeeld. Het eten. Ik weet dat het komt. Ik ga al in de keuken staan, zodat mama weet dat het tijd is. Ze maakt braaf mijn bak klaar. Eventjes is die bak alles dat er is. Als het op is, geniet ik nog even na en lik uitgebreid mijn bek af. Dan is het over. Het was er wel, maar het is er niet meer, en het komt nooit meer terug.

Er zijn dus drie fases. Dat wat is geweest. Dat wat is. En dat wat komen zal. Je weet: wat direct komen zal, is zometeen wat is, en wat nu is, is zometeen voorbij.  En daarna ligt weer een ‘wat komen zal’, en daarna weer een. Met die terugkerende patronen heeft het iets duizelingwekkends. Komt er ooit een einde aan? Ik denk dat je daar niet teveel bij moet stilstaan. Ik leef nu. Het nu is het enige dat bestaat, dat echt is. Hooguit kijk ik wat verder dan mijn neus lang is, want soms vertelt je neus je hoe je van straks een heel mooi nu kunt maken.

Aanbevolen artikelen

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.