Eerste gastronomische herinnering

In diepe slaap

Vroeger was ik klein en bang. Andere mensen vond ik eng, veel enger dan tegenwoordig. Als er tegenliggers aan kwamen, kreeg ik het soms op de heupen – best wel vaak, eerlijk gezegd. Dan wist ik niet meer wat ik moest doen en dan beet ik ze op de plek waar ik bij kon, dat wil zeggen: in de enkels. Niemand was daar blij mee: mama en papa niet en die andere mensen al helemaal niet.

Eten bracht de ommekeer. Gastronomie heeft van mij een betere hond gemaakt.

Ik weet het nog goed: een keer, tijdens de grote wandeling, vond ik in een hoekje achter een afvalbak een karbonadebotje. Er zaten nog draadjes vlees aan, maar toen ik die er af had geknabbeld, was het nog steeds heerlijk. Die smaak! Dat aroma! De hele wandeling heb ik met dat bot gelopen. Ik hoefde niks anders meer; alles leek mooier en andere mensen waren ineens niet meer zo eng. Sterker: ik zag ze niet eens. Ik hoefde die angst niet meer. De wereld vernauwde zich tot ik en mijn botje. Daar had ik genoeg aan.

Aanbevolen artikelen

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.